Een beetje ruimte
De column van Saskia Oudshoorn
24 oktober 2026 Saskia Oudshoorn
Een beetje ruimte
Sinds het begin van de oprichting van de whatsapp buurtpreventiegroepen jaren geleden ben ik beheerder van een van de wijken in Krimpen. Lastig soms, om zelfs op dit kleine stukje aarde de vrede te bewaren. Als een ware kleuterjuf moet ik discussies die snel uit de bocht vliegen af en toe sussen en brandjes die op het punt staan om in een uitslaande brand te veranderen doven. Af en toe vraag ik me oprecht af waarom iemand zich zo druk maakt, totdat je zelf op een slechte dag waarop het allemaal niet mee zit, je voor een open brug hebt gestaan je bij thuiskomst je auto niet kwijt kan omdat appartementbewoners niet willen betalen voor een parkeerplek onder hun huis en hun auto liever bij een ander voor de deur zetten omdat 50 meter lopen veel te ver is. Of dat iemand voor de zoveelste keer een zak huisvuil naast de groencontainer zet en de kraaien de zak eerder te pakken hebben dan de medewerkers van de vuilnisophaaldienst. Ook al zijn er regels wat wel en wat niet te plaatsen in dergelijke groepen, over simpele maar subjectieve begrippen als urgent en niet-urgent, kunnen we het zelfs in de wijk niet eens worden. Weggelopen poezen, poezen in andere tuinen, irritaties over afval naast de bak – net alsof wanneer je erover klaagt iemand zijn vinger in de groep op zal steken en zegt ‘dat heb ik in een vlaag van gemakzucht gedaan, mea culpa, ik kom het meteen opruimen’. Een openbare schuldbekentenis zul je niet snel meemaken.
Laatst was ik twee uurtjes in de bioscoop met het geluid van mijn telefoon uit. Ik had 45 berichten misgelopen over een loslopende kat en andere ongemakken des levens met als ultiem advies dat in plaats van koud water om hem weg te jagen je ook heet water over het arme beest kan gooien. Hier trek ik een dikke vette rode streep. Ook al snap ik dat een drol in je tuin verre van welkom is, een suggestie als dierenmishandeling kunnen we onder geen enkele voorwaarde in een beschaafde maatschappij niet toestaan. Nee, ik durf het bijna niet te zeggen en ik wil het ook eigenlijk niet, maar mijn vertrouwen in de mensheid an sich wordt met de dag minder, en dan met name de leiders op het wereldtoneel die zich verrijken over de rug van de inwoners. Maar goed, daar heb ik al eens een column aan gewijd en het heeft zeker geen zin om me al te druk te maken over dingen waar ik absoluut geen controle over heb, dus vandaag zal ik het wat dichter bij huis zoeken.
In mijn tijd in de gemeenteraad heb ik op de eerste rij kunnen meemaken hoe sociaal en welkom Krimpen en zijn bewoners zich altijd opgesteld heeft. Vluchtelingen werden barmhartig opgevangen, bij de eerste golf van 100 Syrische oorlogsvluchtelingen in 2021, stond meteen een compleet vangnet met vrijwilligers klaar en Krimpenaren verdrongen zich om spullen en speelgoed in te leveren bij – toen nog – de Big Bear. Sporthal de Boog werd ingezet en klaargemaakt voor de eerste urgente gevallen, onder de bezielende aansturing van de toenmalige burgemeester Lennie Huizer. Een mooi voorbeeld.
Steeds heeft Krimpen zich, ook toen de spreidingswet er nog niet was, zich trouw en netjes ingezet om statushouders en asielzoekers op te vangen. Ook de Oekraïense vluchtelingen waren bij het uitbreken van de oorlog met Rusland, van harte welkom. Op dit moment wordt het voormalig dierenasiel aan de Lekdijk dat al geschikt was gemaakt voor bewoning, verder uit gebreid met 21 flexwoningen voor Oekraïners. Bij terugkeer naar hun thuisland, kunnen deze flexwoningen ingezet worden voor bv starters. Tussen haakjes – die terugkeer zie ik overigens niet snel gebeuren met alles wat er momenteel op het wereldtoneel met zijn amateuristische acteurs gebeurt.
Omwonenden die bang zijn voor sluipverkeer, hebben nu een kort geding aangespannen en de zaak ligt bij de rechter. In de tussentijd is al wel een definitieve bouwvergunning verleend. Oekraïners zitten nu in bv sloopwoningen, waardoor de hele woningmarkt in Krimpen nog verder op slot gaat zolang dit project niet klaar is. Waar gaan trouwens straks als die mensen heen die in de sloopwoningen in de Schilderswijk zitten? Nu moet Krimpen ook nog eens 77 statushouders opvangen dit jaar. Een onmogelijke opdracht als je het mij vraagt. Huurders is gevraagd een woning te delen, maar even serieus, hoe kansrijk is dit? Overigens is Krimpen hier niet alleen in, van de 50 gemeentes in Zuid-Holland hebben er 49 een achterstand in opvang, bijna 4000 statushouders zoeken in onze provincie nog een huis.
Even wat kille cijfers: In Woonnet, het regionale Woning verdeelsysteem, waren in 2025 ruim 36.500 woningzoekenden actief. In Krimpen kwamen 229 woningen vrij. Er zijn 2100 mensen met een urgentieverklaring en de wachttijd voor een sociale huurwoning is inmiddels opgelopen tot 7 jaar. Krimpen heeft vrijwel geen bouwgrond meer. Een tijdje geleden, toen er plek werd gezocht voor een nieuwe middelbare school, is er al uitgebreid onderzoek gedaan waar deze gebouwd kon worden. Weinig kansrijk. Groen dat een natuur of recreatiebestemming heeft, kan gelukkig niet zondermeer gebruikt worden als bouwgrond en mocht je die willen gebruiken, moet deze elders gecompenseerd worden. Als je verder geen ruimte of grond je je bezit hebt, is compenseren onmogelijk. Dan hebben we nog de hoogspanningsmasten en -kabels, dijken en industrie met allerlei beperkingen voor woningbouw. Het schip dat nu in de Sliksloothaven ligt, mag niet gebruikt worden voor de opvang van deze statushouders. De asielboot moet nog wél ‘even’ anderhalf jaar blijven liggen.
Volgens berichtgeving gaat het COA zelfs onderzoeken of er een asielzoekerscentrum in Krimpen kan komen. Nu ben ik al ruim een half jaar geen volksvertegenwoordiger meer, maar ik durf toch wel met enige zekerheid te zeggen dat je daar in Krimpen ook de handen niet voor op elkaar krijgt, hoe sociaal en barmhartig we ook zijn. We hebben al meer dan genoeg uitdagingen op het sociaal domein, de jeugdzorg en bijbehorende financiën.
Voor de verdeling van statushouders over de gemeentes in Nederland wordt gekeken naar het aantal inwoners. Helaas wordt er niet gekeken naar de beschikbare grond. Krimpen staat op de 12e plek van Nederland als je kijkt naar de bevolkingsdichtheid, die is 3894 inwoners per KM2. Rotterdam staat een stuk lager, met 3058 inwoners per KM2 land, net als bv Zoetermeer en Nijmegen. Ter illustratie: de bevolkingsdichtheid in Nederland was 536 bewoners per KM2, waarmee we al een van de dichtstbevolkte landen in Europa zijn. Ruim 34% van de woningen in Krimpen zijn sociale huurwoningen tegenover een landelijk gemiddelde van circa 25%.
Tegelijkertijd is Rotterdam in rap tempo sociale huurwoningen aan het slopen waardoor buurgemeenten die bewoners moeten opvangen. Het zou de mensen in Den Haag sieren als ze eens wat meer naar lokaal maatwerk en mogelijkheden kijken in plaats van star regels toe te passen. Gelukkig gebruikt het huidige college wel alle ruimte om zoveel mogelijk woningen aan Krimpenaren toe te wijzen, maar dan nog is het een monsterklus om alle woningzoekenden te huisvesten. En onze kinderen die al hun leven lang hier wonen, blijven die bij papa en mama op zolder wonen?
Ook de gemiddelde leeftijd waarop een jongere het huis uit gaat, ligt in Krimpen hoger dan elders. Dan hebben we het nog niet eens over de criteria van het toewijzen van sociale huurwoningen want als je fulltime werkt en je bent samen, verdien je snel al teveel om op een dergelijke woning aanspraak te maken. Koopwoningen zijn onbetaalbaar. Kortom, huisvestingsproblemen reeds in overvloed en daarnaast zijn er ook meer dan genoeg uitdagingen rondom de leefbaarheid in de wijken.
Ach, ik weet het, deze problemen zijn allemaal niet uniek. En laten we wel wezen, een dak boven je hoofd hebben en in relatieve veiligheid leven is een groot goed. Dat is al zoveel meer dan een groot deel van de wereldbevolking heeft. En tja, dat in een dichtbevolkte gemeente als Krimpen de kat van de buren een keer in je tuin poept: dat is niet fijn, maar we overleven het vast wel. Zullen we gewoon eens gezellig een kop koffie met de buren drinken en het er met elkaar over hebben?
Geef elkaar een beetje ruimte, ook al is het niet veel.
